Jaarverslag 1982
Van veel belang was eveneens de sterke daling van het rentepeil en de daarmee
gepaard gaande terugkeer naar een normale rentestructuur.
Veel geld, dat aangelokt door de hoge tarieven in de geldmarktsfeer was terecht
gekomen, vond nu zijn weg naar andere spaar- en beleggingsvormen. Aangezien bij
de algemene en coöperatief georganiseerde banken een belangrijk deel van de
toevertrouwde middelen in kortlopende deposito's was ondergebracht, waren de
effecten van een en ander bij deze instellingen het duidelijkst merkbaar.
De algemene spaarbanken en de Rijkspostspaarbank bezitten slechts een
bescheiden tot gering belang in deze sector. Hierdoor konden deze instellingen in
een langzamer groeiende markt hun posities relatief verbeteren.
Het totaal van de besparingen in Nederland bedroeg in 1982, zoals uit het overzicht
blijkt, f 7,5 miljard, waardoor het totale spaartegoed steeg naarf 134,5 miljard.
De spaargelden bij de Centrumbank gaven met inbegrip van bijgeschreven rente een
groei te zien van f 386 miljoen, waarmee het totale spaartegoed tot f 6.626 miljoen
steeg.
De groei deed zich in hoofdzaak voor in de spaarvormen met vaste looptijd en in
sommige dagelijks opvraagbare spaarvormen.
Tot de eerstgenoemde categorie behoort de Maandrenterekening, die wij in juni met
succes introduceerden.
In de dagelijks opvraagbare sfeer werd het assortiment door de introductie van de
Giro-Selectrekening in mei 1982 uitgebreid. De ontwikkeling van deze hoogrentende
girale spaarvorm was eveneens gunstig.
De productie in de sfeer van de Spaarbiljetten bleef gering. De Jeugdspaarvormen
ontwikkelden zich bevredigend.
Betalingsverkeer
De verheugende groei van het aantal Bankgirorekeningen in de afgelopen jaren zette
zich in het verslagjaar in nog versterkte mate voort. Deze toename is van bijzonder
belang in verband met de spilfunctie, die door ons aan de Bankgirorekening wordt
toegekend. De groei van het bestand bedroeg 10,5% ten opzichte van het begin van
1982, waardoor het aantal Bankgirorekeningen steeg naar 370.000. De landelijke
groei bedroeg 3,6%Gezien ons nog steeds te bescheiden marktaandeel is het
belang van een voortgaande stijging evident.
De inzet van electronische hulpmiddelen bij de ontwikkeling van het betalingsverkeer
wordt van jaar tot jaar belangrijker.
Binnen onze bank werd in 1982 de laatste hand gelegd aan de voorbereidingen voor
een proef met een vijftal gelduitgifteautomaten, welke inmiddels plaatsvindt. Tevens
wordt deelgenomen aan de voorbereidingen in interbancair verband voor een proef
met het gebruik van point-of-sale-terminals.